|
|
|
|
De gehuwden en de kinderen 1. Het Ouderlijk Gezag Elk van beide ouders heeft evenveel gezag over de kinderen en elke ouder mag dit gezag apart uitoefenen. Dit noemt de wet 'co-ouderschap'. Dit wil zeggen, je moet als ouder niet wachten tot je echtgenoot akkoord gaat met je beslissingen over de kinderen om ze uit te voeren. Immers, is je echtgenoot het niet met je eens, dan kan hij zich tot de jeugdrechtbank wenden, maar !, dit kan enkel gebeuren in het belang van het kind. Met vragen over de opvoeding betreft de kinderen kun je steeds terecht bij de opvoedingstelefoon Vlaanderen tel. 070/22.23.30, elke maandag, dinsdag en vrijdag van 15 tot 18 uur en de donderdag van 15 tot 21 uur. Je kunt voorts ook bellen naar de telefoon van de opvoedingswinkel te Genk, Grotestraat 31, elke weekdag tussen 13 en 17 uur, en op donderdag- en zaterdagvoormiddag van 08.30 uur tot 12 uur en donderdag tot 19 uur; dit tel. nummer is 089/36.73.40. Of je kunt ook surfen naar de www.opvoedingswinkel.be of mailen naar info@opvoedingswinkel.be. 2. Kindermishandeling en incest De eerste stap die je bij zo'n problemen moet zetten is die naar de Vertrouwenscentra Kindermishandeling (VCK ), waar men zowel jou als je echtgenoot en ook het kind helpt om naar een oplossing te zoeken. De V.C.K.'s houden zich heel strikt aan hun beroepsgeheim, en zullen nooit enige informatie vrijgeven over de partner - echtgenoot. Indien echter de tussenkomst van het V.C.K. niets oplevert, of wil je echtgenoot niet meewerken, dan zit er niets anders op dan klacht neder te leggen, zodat het gerecht je echtgenoot op het matje roept. De straffen voor incest zijn zwaarder dan voor seksueel wangedrag tegenover niet-familieleden. We vermelden hierbij een aantal misdrijven en de straf die er aan verbonden is :
maar,
Stippen we even aan wat de heer Jan Peeters, vroeger jeugdrechter te Mechelen en op huidig ogenblik voorzitter van de Belgische voetbalbond, zegt over incest : " Incest kwam vroeger zeer uitzonderlijk voor je bureau, niet omdat het uitzonderlijk was, maar wel omdat het totaal onbespreekbaar was. Ik ben er van overtuigd dat er vandaag niet meer incestgevallen zijn dan vroeger, maar dat ze nu veel gemakkelijker aan de oppervlakte komen, omdat men er uiteindelijk in geslaagd is de taboesfeer te doorbreken... soms worden incestbeschuldigingen in hatelijke echtscheidingen ook als (verachtelijk) wapen gebruikt. Maar het is niet omdat een moeder pas tijdens de echtscheiding over de incest begint, dat ze het verzint. Er zit een heel vicieuze cirkel van afkeer en angst maar tegelijk ook van een sterke interne solidariteit bij een incestgezin, dat een cluster tegen de buitenwereld vormt, ook bij diegenen, die willen helpen. En pas bij een scheiding komt dan vaak een geschiedenis van jaren aan het licht (De Morgen 19 mei 2001). Uit een studie van de universiteit van Penssylvania op basis van rapporten van 228 federale en regionale bureaus voor jeugdcriminaliteit en instellingen voor jeugdhulpverlening blijkt dat, in tegenstelling tot wat in de V.S. vaak verkondigd wordt, kinderen meestal door bekenden, zoals een familielid, worden misbruikt. Slechts 4 % van de seksuele mishandelingen wordt gepleegd door volslagen vreemden. (De Morgen 11 september 2001) . 3. Inwonende volwassen kinderen Soms zijn er problemen met de volwassen inwonende kinderen.
U mag zelfs een aangepaste bijdrage voor kost en inwoon vragen. - indien Uw volwassen kind zich niet aan de huisregels houdt, kunt U het vragen elders te gaan wonen ;
- heeft uw inwonend kind schulden, dan kunnen zijn schuldeisers beslag leggen op ALLE goederen, die zich in uw woning bevinden, dus ook op de goederen van zijn ouders. De schuldeisers mogen er immers van uitgaan dat alle voorwerpen, die zich in het huis bevinden, eigendom zijn van de persoon, die er zijn domicilie heeft. U zult uw goederen pas vrij krijgen, na een procedure voor de beslagrechter, waar u het bewijs moet overleggen dat uw goederen wel degelijk uw eigendom zijn ( ten bewijze hiervan, aankoopbewijzen, facturen, overschrijvingen enz. ) Interessant detail ten slotte, op 25 jarige leeftijd woont in België nog 43 % van de jongens en 13% van de meisjes bij hun ouders. Bij één op de vier mannen is dat nog steeds zo tussen 26 en 30 jaar. Deze trend zal zich de volgende jaren nog doorzetten, naar het blijkt, vooral voor de hoger opgeleide jongeren. |
|||
|
|||