Archive for Fiscaal Recht

Hoe mijn aanslagbiljet van de belastingen aanvechten?

In de oude procedure moest de belastingplichtige die zijn aanslag betwistte een bezwaarschrift neerleggen. Hij moest wachten tot de belastingdirecteur een beslissing nam. Dit had de waarde van een vonnis. De fiscus was dus rechter in de eigen zaak. Dit kon jaren duren en nadat de beslissing was gevallen kon naar de enige onpartijdige rechter worden gestapt: destijds het Hof van Beroep.

In de nieuwe procedure heeft de belastingdirecteur zes maanden de tijd om zich over een bezwaarschrift uit te spreken. Zodra hij zijn beslissing heeft kenbaar gemaakt, of als hij geen uitspraak doet binnen zes maanden, kan de belastingplichtige naar de Rechtbank van Eerste Aanleg trekken (en later eventueel naar het Hof van Beroep).

Gedurende die periode van maximum zes maanden kunnen de fiscus en de belastingplichtige wel nog een gesprek aanknopen om een onnodig proces te voorkomen.

Op die manier krijgt de belastingplichtige sneller toegang tot de Rechtbank.

Het is aan te raden om bij de minste twijfel een bezwaarschrift in te dienen. Zolang de belastingdirecteur geen uitspraak heeft gedaan, kunt U daarna nog extra bezwaren formuleren. Verwerpt hij uw bezwaarschrift dan kunt U alsnog nieuwe bezwaren aan de Rechtbank van Eerste Aanleg voorleggen.

Om in mensentaal wegwijs te geraken in deze procedure, raadpleeg bijvoorbeeld “Budget en Recht”, uitgegeven door Test Aankoop.

U kunt ook voor meer inlichtingen en het voeren van een procedure terecht bij ADVOCATENKANTOOR VAN LOO , bel 0475/457.814.

22/02/2000

Vul zelf uw belastingaangifte in

Hij staat weer voor de deur! Wie, hoor ik u al denken. Ik heb het over de zomer. De mooiste tijd van het jaar, niet ? Mooi weer, barbeque in de tuin, vakantie enz.

Kortom, iedereen loopt er die tijd goed geluimd bij.

Maar laat ik u onmiddellijk uit uw zwoele dromen halen, want wat vindt u rond die tijd steevast in uw brievenbus ? De titel bovenaan dit stukje verraadde het al, uw belastingaangifte. Voor velen onder u een ware kwelling. Hoe begin ik eraan ? Elk jaar ziet dat ding er ook anders uit, zijn er zaken verdwenen of rubrieken bijgekomen of verplaatst.

De gezinstoestand en het inkomen invullen lukt meestal nog, maar wat als er zaken als leningen bij komen, levensverzekeringen, pensioensparen enz. ? Wat mag of kan ik aftrekken en hoeveel ? Kan ik mijn kilometers van en naar het werk niet inbrengen ? Niemand betaalt graag een Euro te veel en zeker niet aan de Fiscus.

Vandaar enkele nuttige tips om zelf uw aangifte in te vullen :

De letters die u op uw loonfiche terug vindt, vindt u ook terug op uw aangifte, bv. : de T en de Z.

U neemt gewoon de cijfers over. Onder de code 250, de letter T dus, en de code 286, de letter Z.

Maak daarna de optelling van de mogelijk verschillende bedragen die u daar invult.

Voor alle andere codes is er slechts plaats voorzien voor één getal en dient u eventueel meerdere bedragen vooraf op te tellen.

Twee bedragen daar vermelden maakt uw aangifte ongeldig.

De vrijstelling woon-werkverkeer bedraagt 150 €.

Dit is code 255, tenzij het bedrag in code 254, letter V, lager is dan 150 €.

In dit geval neemt u dat bedrag als vrijstelling.

Wat de werkelijke beroepsonkosten betreffen, dit is code 258, mag u 0,15 € per kilometer van en naar het werk inbrengen.

Vermenigvuldig dit met het aantal kilometers per dag en het aantal werkdagen.

Het bedrag dat u dan bekomt moet wel hoger zijn dan het wettelijke forfait, anders heeft het geen zin.

Het wettelijk forfait krijgt u automatisch toegekend en wordt hoger naarmate uw loon stijgt.

Intresten van hypothecaire leningen aangegaan voor een nieuwbouw afgesloten na 30/04/1986 en dit om uw énige woning te bouwen, vermeldt u onder code 138.

U geniet dan een verhoogde intrestaftrek.

Vergeet dan ook zeker niet de codes 140 t/m 144 in te vullen.

De kapitaalaflossingen van diezelfde leningen worden steeds vermeld onder de rubriek bouwsparen.

U moet enkel letten op de datum van het afsluiten van de lening.

Hetzelfde geldt voor de premies, gedaan voor de schuldsaldoverzekering.

De premies voor een gewone levensverzekering vermelden we bij lange termijnsparen.

Misschien ook nog een woordje uitleg over de kinderopvang.

Dit mag in vergelijking met vroeger volledig worden ingebracht, doch slechts tot een maximum van 11,20 € per dag en per kind.

Bedrijfsvoorheffing (Het K.B van 15 december 2005)

Het K.B. van 15 december 2005 vervangt bijlage III van het KB/WIB 92. De nieuwe bijlage bepaalt de schalen en regels die van toepassing zijn om de bedrijfsvoorheffing vast te stellen bij de bron verschuldigd op inkomsten betaald of toegekend vanaf 1 januari 2006.

Het besluit is van toepassing op de vanaf 1 januari 2006 betaalde of toegekende inkomsten.

Koninklijk Besluit van 15 december 2005 tot wijziging van het KB/WIB 92, op het stuk van bedrijfsvoorheffing (B.S., 28 december 2005)

Elektronische archivering (Wet van 27 december 2005)

De wet van 27 december 2005 herleidt de archiveringsverplichtingen voor ondernemingen van tien jaar naar zeven jaar. De vermindering van de bewaringstermijn zal de ondernemingen aanmoedigen om in te stappen in een systeem van elektronische facturering en archivering.

De wet maakt tevens de elektronische bewaring van oorspronkelijk papieren facturen mogelijk. Deze aanpassing is in overeenstemming met de factureringsrichtlijn van 20 december 2001 die vereenvoudiging, modernisering en harmonisering van de voorwaarden inzake facturering op het gebied van de btw beoogt.

De minister van financiën is niet langer gemachtigd om een individuele afwijkingsmogelijkheid wat de vorm van bewaring betreft, toe te staan.

Met ingang van 9 januari 2006.

Wet van 27 december 2005 houdende diverse bepalingen, art. 32 (B.S., 30 december 2005)

Familiale ondernemingen (Descreet van 23 december 2005)

Vrijstelling successierechten

Artikel 60bis WSucc. geeft vrijstelling van successierechten bij de vererving van familiale ondernemingen voor de activa, aandelen en vorderingen in de familiale ondernemingen die eigendom zijn van de erflater.
Om de vrijstelling te verkrijgen levert de administratie een attest inzake tewerkstelling en kapitaal af, waaruit blijkt dat aan de voorwaarden van art. 60bis WSucc. is voldaan.

Bezwaar

Artikel 10 van het decreet van 23 december 2005 houdende bepalingen tot begeleiding van de begroting 2006 stelt een georganiseerde bezwaarprocedure in tegen een negatief attest van vrijstelling van successierechten of een herziening van de vrijstelling van successierechten.
Het vervolledigt hiertoe art. 60bis WSucc. met een § 13.

Inwerkingtreding

De bepaling treedt in werking op 1 januari 2006.

Decreet van 23 december 2005 houdende bepalingen tot begeleiding van de begroting 2006, art. 10 (B.S., 30 december 2006)

Fiscale regularisatie (Programmawet van 27 december 2005)

De programmawet van 27 december 2005 biedt de belastingplichtigen en btw-plichtigen de mogelijkheid om hun fiscale toestand te regulariseren.

Via het “contactpunt regularisaties” binnen de federale overheidsdienst financiën kunnen particulieren en rechtspersonen spontaan de niet bij de fiscale administratie aangegeven inkomsten indienen. Ze bekomen zowel fiscale als strafrechtelijke immuniteit.

Voor geregulariseerde overige inkomsten wordt de confidentialiteit van de aangifte gewaarborgd. Dit betekent dat de gegevens niet worden overgemaakt aan de controlediensten waaronder de aangever van de aangifte ressorteert.
Voor de regularisatie van de beroepsinkomsten en btw-verrichtingen wordt na de regularisatie een kopie van het attest overgemaakt aan de plaatselijke controledienst.

De inkomsten en de btw-verrichtingen die het voorwerp zijn van fiscale regularisatie, zijn onderworpen aan een heffing. De heffing wordt vastgesteld overeenkomstig de regels betreffende de belasting van toepassing volgens de aard van de geregulariseerde inkomsten en rekening houdend met de periode waarin zij werden geïnd.

Met ingang van 9 januari 2006.

Programmawet van 27 december 2005, art.121-127 (B.S., 30 december 2005)

Schenking bouwgrond (Descreet van 23 december 2005)

Krachtens art. 140nonies WReg. geldt een bijzonder verlaagd tarief voor het registratierecht op schenkingen van percelen grond die volgens de stedenbouwkundige voorschriften bestemd zijn voor woningbouw. Het gaat om een tijdelijke verlaging.

Het decreet van 23 december 2005 verlengt de maatregel tot 31 december 2009. De grond moet wel degelijk bestemd zijn voor woningbouw.

Met ingang van 1 januari 2006.

Decreet van 23 december 2005 houdende bepalingen tot begeleiding van de begroting 2006, art. 66-68 (B.S., 30 december 2006)

Verlaagd btw-tarief (K.B van 19 januari 2006)

België mag een verlaagd btw-tarief toepassen op bepaalde arbeidsintensieve diensten nl. op de renovatie en herstelling van particuliere woningen die tenminste vijf jaar in gebruik zijn genomen, met uitzondering van materialen die een beduidend deel vertegenwoordigen van de waarde van de verstrekte diensten, evenals op de herstelling van fietsen, schoeisel, lederwaren, kleding en huishoudlinnen (zesde btw-richtlijn).

In afwachting van een voorstel voor een richtlijn waarin gestreefd wordt naar een volledige herziening van de verlaagde btw-tarieven met het oog op vereenvoudiging en rationalisering, heeft de Ecofin Raad een informeel politiek akkoord bereikt waarbij de lidstaten de mogelijkheid krijgen de regeling van de arbeidsintensieve diensten voor onbepaalde tijd te verlengen.

Het K.B. van 19 januari 2006 verlengt voor onbepaalde tijd het verlaagd btw-tarief op de vermelde arbeidsintensieve diensten (wijziging art. 1bis en 1ter K.B. nr. 20, 20 juli 1970).

Met ingang van 1 januari 2006.

Koninklijk Besluit van 19 januari 2006 tot wijziging van het koninklijk besluit nr. 20 van 20 juli 1970 tot vaststelling van de tarieven van de belasting over de toegevoegde waarde en tot indeling van de goederen en de diensten bij die tarieven (B.S., 1 februari 2006)

Verrekening roerende voorheffing – Arrest Arbitragehof

In zijn arrest nr. 7/2006 van 18 januari 2006 vernietigt het Arbitragehof artikel 4, alsook de woorden “en artikel 4” in artikel 5, derde lid, van de wet van 4 juli 2004 tot wijziging van het Wetboek van de inkomstenbelastingen 1992 teneinde de omzetting van de richtlijn van de Raad van de Europese Unie van 3 juni 2003 (2003/49/EG) betreffende een gemeenschappelijke belastingregeling inzake uitkeringen van interest en royalty’s tussen verbonden ondernemingen van verschillende lidstaten te verwezenlijken, behoudens wanneer het vastgoedcertificaat door een belastingplichtige voor wie de roerende voorheffing bevrijdend is, vóór de vervaldag ervan is overgedragen aan een belastingplichtige voor wie dat niet het geval is (B.S., 1 februari 2006).