Voorbeeld akte echtscheiding onderlinge toestemming

REGELING VAN WEDERZIJDSE RECHTEN

Op heden, # tweeduizend en #, voor mij, Marc Van Nuffel, notaris te Antwerpen.

ZIJN AANWEZIG

De heer #, wonende te #, en mevrouw #, wonende te #, die mij hebben ver­klaard dat zij uit de echt willen schei­den door onder­linge toestemming en dat zij daartoe, over­eenkom­stig de artikelen 1287 en 1288 van het Gerechtelijk Wet­boek, hun wederzijdse rechten hebben geregeld als volgt:

I. VOORAFGAANDE TOELICHTING

1. Echtgenoten

De heer # is geboren te # op # negen­tienhonderd #, en is van #Belgische natio­nali­teit.

Mevrouw # is geboren te # op # negen­tien­honderd #, en is van #Belgi­sche natio­nali­teit.

2. Huwelijk en huwelijksvermogenstelsel

De echtgenoten zijn gehuwd voor de ambtenaar van burgerlij­ke stand van # op # #negentienhonderd #. Zij verkla­ren gehuwd te zijn onder #het wettelijk stelsel bij gebreke aan huwe­lijkscon­tract, #onder het #wettelijk stelsel van #, bij akte verleden voor notaris # te # op #, niet gewijzigd, naar zij verkla­ren.

3. Afstammelingen

Partijen zijn beide ouder van de navolgende minderjarige, ongehuwde en niet ontvoogde kinderen, waaromtrent zij een overeen­komst moeten vastleg­gen:

#

Zij hebben mij bevestigd dat zij geen andere afstammelingen hebben noch adoptiefkinderen.

4. Identiteitsbevestiging

Ondergetekende notaris bevestigt de identiteit van de partijen aan de hand van hun identiteitskaart en trouwboekje.

5. Inventaris

#De partijen verklaren dat zij voor deze akte mekaar omstan­dige opgave hebben gedaan van al hun gemeen­schappe­lijke of onverdeelde roerende en onroerende goede­ren, en van alle schulden, vergoedingen en overeenkomsten waarom­trent een regeling door artikel 1287 Gerechtelijk Wetboek is vereist.

# De inventaris van al hun gemeen­schappe­lijke of onverdeel­de roerende en onroerende goede­ren, en van alle schulden, vergoedingen en overeenkomsten waarom­trent een regeling door artikel 1287 Gerechtelijk Wetboek is vereist, werd opgemaakt bij akte #heden voor mijn ambt verleden. Partijen verklaren hiernaar uitdrukke­lijk te verwijzen voor wat betreft de onderlinge regeling van hun rechten die hierna volgt.

II. REGELING VAN WEDERZIJDSE RECHTEN – DELING EN DADING

De echtgenoten zijn bij wijze van DELING en DADING overeen­gekomen dat:

1. Meubilair en voorwerpen

#Elke partij blijft in het bezit van zijn kleding en per­soonlijke voorwerpen en van de andere lichamelijke roerende goederen in zijn bezit. #Volgende goederen die zich evenwel nog bij #de heer #mevrouw bevinden zullen op eerste verzoek aan #hem #haar worden overhandigd, die gerechtigd is ze op #zijn #haar kosten te verplaatsen, mits #hij #zij zich daarvoor tijdig meldt bij #de heer #mevrouw #.

De wagen # wordt toebedeeld aan # die eveneens wordt gemachtigd de inschrijving op #zijn #haar naam bij de diensten van het Wegverkeer meteen aan te vragen.

Partijen verklaren volledig op de hoogte te zijn van hetgeen ieder van hen in zijn of haar bezit heeft, daarom­trent geen inventaris te hebben gewenst hoewel de mogelijk­heid daartoe wettelijk bestaat, en verzaken aan enig verhaal tegen de andere indien zou blijken dat de door de andere partij gegeven informatie onvolledig zou zijn geweest.

#De lichamelijke roerende goederen op de hieraangehechte lijst met de letter “M” aangeduid, worden aan de man toege­deeld; deze met de letter “V” aangeduid, worden aan de vrouw toegedeeld.

#De heer # behoudt voor zich de roerende goede­ren be­schre­ven in de inventaris heden voor mijn ambt opgemaakt en die zich bevinden te #, #en de goederen die zich bevinden te #, aangeduid met de letter “M”.

Mevrouw # behoudt voor zich de roerende goederen be­schreven in de inventaris heden voor mijn ambt opgemaakt en die zich bevinden te #, aangeduid met de letter “V”, #en de goede­ren die zich bevinden te #, aangeduid met de letter “M”.

2. Gelden

Ieder der echtgenoten behoudt het gereed geld dat reeds in zijn of haar bezit is.

3. Rekeningen

Ieder der echtgenoten verkrijgt het vrije beheer en de beschikking over de bankrekeningen en de spaarboekjes onder zijn of haar naam geopend. #of opgenomen in de inventaris.

#De gezamenlijke rekening, nummer #, geopend bij #, wordt toebedeeld aan #, die hierbij gemachtigd wordt opdracht te geven aan gemelde bank om de rekening op #haar #zijn naam voor te zetten.

4. Geldwaardige papieren

Ieder der echtgenoten verkrijgt het vrije beheer en de beschikking over de aandelen en andere geldwaardige papie­ren die reeds in hun bezit zijn of reeds op hun naam zijn overgeschreven.

#De aandelen van # worden toebedeeld aan #.

5. Verzekeringen

Het voordeel verbonden aan, en de verbintenis voortvloeiend uit de verzekeringscontracten worden toebedeeld aan die echtgenoot op wiens naam ze werden aangegaan, #of aan wie ze hierna worden toebedeeld, #of aan wie ze werden toebedeeld in onderling overleg. Elke echtge­noot beslist vrij over de voortzetting of opheffing ervan, en over de aandui­ding van de begunstigde bij uitkering en vrijwaart de andere echtgenoot tegen vorderingen door de verzekerings­maatschappij van achter­stallige premies of vergoeding voor contractbreuk.

#De partijen verklaren dat premies voor de eventuele levensverzekeringen en schuldsaldoverzekeringen geen recht geven op vergoeding, daar ze niet kennelijk de mogelijkheid van het gemeenschappelijk vermogen te boven zijn gegaan.

#Aan de heer # wordt toebedeeld:

#

#Aan mevrouw # wordt toebedeeld:

#

# OPLETTEN MET LV EN TOEBEDELING OG + PREMIES EVENTUEEL TE COMPENSEREN MET OHG

Het voordeel verbonden aan, en de verbintenis voortvloeiend uit de levensverzekeringscontract#en bij #, nummers # en # worden toebedeeld aan #. #ij verbindt zich deze polissen in stand te houden en de er de premies van te blijven betalen gedurende de looptijd van de verbintenis, tenzij #ij voor die tijd beslist het eigendom dat # hierna zal toebedeeld worden, te vervreemden en #ij de afkoopwaarde van de polissen wenst te gebruiken voor de aflossing van de schuld. #ij beslist vrij over de aandui­ding van de begunstigde bij uitkering. #ij vrijwaart de andere echtgenoot tegen vorderingen door de verzekerings­maatschappij van achter­stallige premies of vergoeding voor contractbreuk.

Het voordeel verbonden aan, en de verbintenis voortvloeiend uit de levensverzekeringscontract#en bij #, nummers # en # worden toebedeeld aan #. #ij verbindt zich deze polissen in stand te houden en de er de premies van te blijven betalen gedurende de looptijd van de verbintenis, tenzij # voor die tijd beslist het eigendom dat # hierna zal toebedeeld worden, te vervreemden en #ij de afkoopwaarde van die polissen wenst te gebruiken voor de aflossing van de schuld. #ij vrijwaart de andere echtgenoot tegen vorderingen door de verzekerings­maatschappij van achter­stallige premies of vergoeding voor contractbreuk. #ij verbindt zich hierbij onherroepelijk om # als begunstigde van beide polissen aan te duiden, zowel bij leven als bij overlijden, zodat de afkoopwaarde en het gereconstitueerd kapitaal in alle omstandigheden aan # zal toekomen, onder last om alle daaraan verbonden kosten, lasten en taksen te dragen. #ij geeft hierbij uitdrukkelijk volmacht aan # om deze begunstiging aan de betrokken maatschappij te betekenen.

Ook dit onderdeel van deze regelingsakte is gesloten onder de opschortende voorwaarde dat de echtscheiding voltrokken wordt.

De partijen verklaren dat premies van de levensverzekeringen geen recht geven op vergoeding, daar ze niet kennelijk de mogelijkheid van het gemeenschappelijk vermogen te boven zijn gegaan.

6. Schulden

De partijen verklaren te weten dat de regeling van de schulden enkel tussen hen geldt en niet kan worden tegenge­worpen aan die schuldeisers tegenover wie de beide echtge­no­ten zich hebben of zijn verbonden en dat elk van hen slechts verhaal zal hebben tegen de ander voor het geval hij of zij tot betaling wordt aangesproken van een schuld die door deze overeenkomst ten laste van de andere is gelegd.

*Hypothecaire schuld:

De schuld ten opzichte van #, ingevolge hypothe­caire lening, aangegaan bij akte verleden voor notaris # te # op #, wordt voortaan geheel en uitsluitend gedragen door #de heer # #mevrouw #. #Hij #Zij staat in voor de verdere aflossing ervan in kapitaal, interesten en aanhorigheden.

*Huurovereenkomsten:

De rechten en verplichtingen verbonden aan de huurovereen­komst betreffende de woning # worden uitsluitend toegekend aan #de heer # #mevrouw #, met inbegrip van de rechten verbon­den aan de huurwaarborg of andere waarborgen gesteld voor distributieovereenkomsten.

*Verzekeringspremies:

De premies van de verzekeringen worden gedragen en betaald door die partij aan wie de verzekeringspolissen werden toegekend.

*Belastingen:

#De eventuele nog te betalen belastingen over het inkomen van negentienhonderd # of vroegere jaren, worden betaald door beide partijen, elk voor de helft.

#De eventuele nog te betalen belastingen over het inkomen van negentienhonderd # of vroegere jaren worden gedragen door die echtgenoot op wiens inkomen de belastingen kunnen worden aangere­kend.

#Nog verschuldigde belastingen zullen worden betaald door degene op wiens naam ze worden ingekohierd.

#De onroerende voorheffing over het eigendom # over de #vorige jaren en # wordt #door beide partijen gedragen, elk voor de helft. #Deze van het lopende jaar wordt gedragen door de partij aan wie het goed wordt toegewezen.

#*andere schulden:

#

#7. Onroerende goederen

*Beschrijving van het goed:

Een huis op en met grond en alle aanhorigheden te #, bij het kadaster bekend, Wijk #, nummer #, voor een opper­vlakte van # vierkante meter.

*Bewijs van eigendom:

Het goed hoort de echtgenoten toe door aankoop van # bij akte verleden voor notaris # te # op #, overgeschreven op het # hypotheekkantoor van #Antwerpen op # daarna, boek #, nummer #.

*Toedeling:

Het eigendom wordt toebedeeld aan # tegen de hierna vermel­de algemene en bijzondere voorwaar­den.

*Voorwaarden:

1.   Het wordt afgestaan in de staat waarin het zich zal bevinden bij de overschrijving van het vonnis van echt­scheiding zonder waarborg aangaande de staat der gebou­wen, verborgen gebreken die er zouden kunnen bestaan, zonder waarborg der opgegeven grootte, al ware het verschil één/twintigste (1/20) of meer.

2.   Het wordt afgestaan met alle erfdienstbaarheden en verplichtingen van welke aard ook, waaromtrent de overnemer verklaart volledig te zijn ingelicht.

3.   #Op vraag van ondergetekende notaris of er voor de goederen een postinterventiedossier werd opgesteld, antwoorden de partijen ontkennend en bevestigen zij dat sinds één mei tweeduizend en een geen werken werden uitgevoerd waarvoor zo een dossier diende te worden opgemaakt. #Op vraag van ondergetekende notaris of er voor de goederen een postinterventiedossier werd opgesteld, antwoorden de partijen bevestigend. Partijen verklaren dat dit dossier aan de overnemer werd overhandigd. #variaties: K-POSTINTERVENTIEDS

4.   De overnemer zal de eigendom van het goed hebben vanaf heden en voor zover de echtscheiding definitief zal zijn geworden door de overschrijving van het vonnis. Hij heeft er het genot van en de beschikking erover vanaf het ogen­blik van de feitelijke scheiding tussen de echtgenoten.

5.   De overnemer zal alle bestaande contracten voor verzeke­ring tegen brand en andere risico’s moeten overnemen en voortzetten en er de premies van betalen vanaf de eerstvol­gende vervaldag.

6.   Het goed wordt afgestaan voor vrij, zuiver en onbezwaard van alle inschrijvingen, overschrijvingen, behoudens de inschrijving genomen op het # hypotheekkantoor van #Antwerpen op #, boek # nummer #, in voordeel van #, voor een bedrag van # frank (# BEF) in hoofdsom en # frank (# BEF) aan bijhorig­heden. De verdere aflossing van deze schuld, in kapitaal en interesten, valt ten laste van #, zoals hoger reeds vermeld.

7.   Voor de uitvoering van deze regeling kiezen beide echtgenoten woonplaats op het kantoor van mij, notaris.

8.   Nadat partijen van mij, notaris, lezing hebben gekregen van het eerste lid van artikel 203 van het Registratie­wet­boek, verklaren zij de verkoopwaarde van de onroeren­de goederen te schatten op # frank (# BEF).

9.   Zij verklaren te weten dat zij uiterlijk binnen de vier maanden na het definitief worden van de echtscheiding de verschuldigde registratierechten moeten betalen op het vijfde registratiekantoor van Antwerpen, op basis van een verklaring overeenkomstig artikel 31 Registratiewet­boek.

10.De hierboven opgegeven identiteit van de echtgenoten wordt door mij, notaris, bevestigd op zicht van de door de wet vereiste stukken.

11.De hypotheekbewaarder wordt #ontslagen van het nemen van een ambtshalve inschrijving bij de overschrijving van deze akte.

#. Schuldvorderingen

#De eventuele teruggave van belastingen over het inkomen van negentienhonderd # of vroegere jaren wordt toegekend aan beide partijen, elk voor de helft.

#De eventuele teruggave van belastingen over het inkomen van negentienhonderd # #of vroegere jaren wordt toegekend aan die persoon op wiens inkomen de teruggave kan worden aangere­kend.

#De eventuele teruggave van belastingen wordt toegekend aan degene op wiens naam de oorspronkelijke belastingen werden ingekohierd.

#

#. Handelsfonds

Het handelsfonds uitgebaat te # onder de benaming #, handelsregister van #, nummer #, en BTW nummer #, wordt toegekend aan #.

#. Onverdeeldheid

Elke echtgenoot blijft eigenaar in de onverdeeldheid ontstaan naar aanleiding van het overlijden van #.

#. Opleg

Bij wijze van bedongen en overeengekomen opleg in het kader van deze overeenkomst in het algemeen #en voor de overname van het hierna beschreven onroerend goed in het bijzonder, betaalt #mevrouw # #mijnheer # aan #de heer #mevrouw # een bedrag van # frank (#  BEF), te voldoen als volgt:

#

III. OVEREENKOMST VOORGESCHREVEN BIJ ARTIKEL 1288 VAN HET GERECHTELIJK WETBOEK

1. Verblijf gedurende de proeftijd

Gedurende de proeftijd zal de heer # verblijf houden te #, en mevrouw # te #. Partijen komen overeen dat deze ver­blijfplaats in de loop van de procedure gewijzigd kan worden mits de partij die verhuist de andere partij en de ondergetekende notaris hiervan verwittigt, zodat de nodige formaliteiten ter griffie van de rechtbank van eerste aanleg waar de procedure werd ingeleid, kunnen worden vervuld.

2. Uitkeringen ten behoeve van de echtgenoten

#De echtgenoten vorderen, de een van de ander, geen beta­ling van enig onderhoudsgeld en geen van hen is gehouden aan de ander enige uitkering te doen, noch tijdens noch na de procedure, aangezien elk van hen verklaart in zijn eigen onderhoud te zullen voorzien.

#De heer # vordert van mevrouw # geen betaling van onder­houdsgeld, daar hij verklaart in zijn eigen onderhoud te kunnen voorzien. Daarentegen verbindt hij zich jegens mevrouw # bij wijze van alimentatie-uitkering een som te betalen van # frank (# BEF) per maand. Deze verplichting gaat in vanaf # en zal eindigen in de volgende gevallen:

#- zodra mevrouw #de pensioengerechtigde leeftijd heeft bereikt;

#- wanneer mevrouw hertrouwt of samen met een ander een feitelijk gezin vormt;

– bij het overlijden van de heer #;

# De uitkering wordt niet geïndexeerd.

# De uitkering wordt jaarlijks op de eerste van de maand # aangepast aan de schommelingen van #het indexcijfer der consumptieprijzen #het gezondheidsin­dexcijfer. #Bij de ophef­fing van het gezondheidsindex­cijfer zal de indexe­ring gebeuren op basis van het gewone indexcijfer der consump­tie­prijzen.

Het basiscijfer is dat van de maand die de ondertekening van deze overeenkomst voorafgaat. De nieuwe index is deze telkens van de zelfde maand van elk jaar. Het aangepast bedrag mag nooit lager zijn dan het basisbedrag. Het niet tijdig toepassen of opeisen van de aanpassing mag niet als een verzaking worden uitgelegd.

#ALTERNATIEF: AANPASSING AAN OMSTANDIGHEDEN

Het bedrag van de uitkering ten behoeve van #mevrouw is vastge­steld en overeengekomen op basis van het huidig benaderend bedrag van het netto belastbaar inkomen van de heer #, namelijk # frank (# BEF), gekoppeld aan #het gezond­heids­indexcijfer #het indexcijfer der consumptieprij­zen. Onder netto belastbaar inkomen wordt begrepen, het bedrag van het inkomen zonder aftrek van de aan de vrouw verschuldigde uitke­ring; daarbij zijn wel begrepen, de rechtstreekse en onrecht­streekse inkom­sten, dit wil zeggen ook de lonen en vergoedingen #.

Indien dit inkomen stijgt of daalt dan wordt het bedrag van de uitkering ook herzien, met name in de hierna vermelde verhouding.

Het bedrag van de uitkering zal evenwel nooit minder bedragen dan # frank (# BEF), gekoppeld aan #het gezond­heids­indexcij­fer # het indexcijfer der consumptieprijzen.

Tot vaststelling van dit herziene bedrag dient de Heer vóór één juni de nodige gegevens en bewijsstukken te bezorgen en voor te leggen zodat de omvang van zijn verplichtin­gen nauwkeurig kan worden bepaald.

Voor het geval dergelijke omstandigheden zich zouden voordoen, zijn partijen overeengekomen dat ze alsdan aan het oordeel van de rechter zullen onderwerpen, de vaststel­ling van het bedrag waarvan alsdan redelijkerwijze mag worden aangenomen dat het nog door de heer # kan en moet betaald worden, naar analogie met hetgeen in artikel 301 paragraaf 3 derde lid van het Burgerlijk Wetboek is ver­meld: indien de toestand van de uitkeringsplichti­ge een ingrijpende wijziging ondergaat zodat het bedrag van de uitkering niet meer verantwoord is, kan de rechtbank de uitke­ring verminderen of opheffen.

Partijen verklaren volledig te zijn ingelicht over de omstandig­heid dat de regeling inzake uitkering na echt­scheiding tussen hen louter conventioneel is, en dus niet kan worden gewijzigd wegens andere oorzaken of omstandighe­den dan degene waarvan uitdrukkelijk sprake is in deze overeenkomst.

#ALTERNATIEF: LV EN KAPITAAL

# vordert van # geen betaling van onder­houdsgeld, daar #ij verklaart in # eigen onderhoud te zullen voorzien. Daarentegen verbindt #ij zich jegens # bij wijze van alimentatie-uitkering te betalen:

– een eenmalige som van # frank (# BEF), betaalbaar op #;

– een bedrag van duizend vijfhonderd frank (1.500 BEF) per maand. Deze verplichting gaat in vanaf # en zal eindigen op # of vroeger, namelijk vanaf de eerste van de maand volgend op de maand waarin # het eigendom # toebedeeld heeft vervreemd bij notariële akte, of vanaf de eerste van de maand volgend op de maand waarin # overlijdt.

De uitkering wordt niet geïndexeerd.

3. Overlevingsrechten ingeval van overlijden

De echtgenoten verklaren beiden uitdrukkelijk dat, ingeval een van hen zou overlijden alvorens het vonnis of het arrest waarbij de echtscheiding definitief wordt uitgespro­ken, de langstle­vende hoegenaamd #geen erfrecht zal hebben in de nalaten­schap van de eerststerven­de en dat alle bevoordeligingen die de eerststervende, onder welke vorm ook, aan de langstle­vende zou hebben gedaan, door deze onvoor­waardelijk herroe­pen worden. Elke partij verklaart zuiver en eenvoudig afstand te doen van gelijk welke bevoordeli­ging die door de andere partij in zijn of haar voordeel zou zijn gemaakt.

#eventuele herroeping huwelijkse voordelen: kleine wijziging!

Mocht het overlijden zich voordoen nadat afstand van procedure is gedaan, in welk geval de bovenstaande onter­ving geen toepassing vindt, dan dient de langstlevende echtgenoot om zich te kunnen beroepen op zulke afstand, daarvan het bewijs te leveren onder de vorm van een schrif­telijke verklaring van afstand van procedure, die vaste datum heeft verkregen en die dateert van voor het overlij­den en van na de laatste gezamenlijke verschijning voor de voorzitter van de Rechtbank.

4. Kinderen: Gezag over de persoon – beheer van de goederen- huisvesting – bijdrage in de kosten

1. Gezag over de persoon – beheer van de goederen

#ALTERNATIEF 1: CO-OUDERSCHAP

Het gezag over de persoon en het beheer van de goederen van de kinderen wordt zowel tijdens de proeftijd als na de echtscheiding door de beide ouders gezamenlijk uitgeoefend.

Dit betekent dat alle beslissingen over de gezondheid van de kinderen, hun opvoeding, hun opleiding en hun ontspanning, en over godsdienstige of levensbeschouwelijke keuzen, verder door beide ouders gezamenlijk worden genomen. Evenzo wensen zij beiden evenzeer omgang met #het kind #de kinderen te hebben, hun genegenheid en bezorgdheid om #het kind #de kinderen op gelijke wijze te kunnen uiten, en #het kind #de kinderen in hun beider gezin vertrouwen en geborgenheid te bieden.

Zo wordt er reeds overeengekomen dat #

Beide ouders zullen ook, overeenkomstig artikel 384 van het Burgerlijk Wetboek, het genot over de goederen van de kinderen hebben tot aan hun meerderjarigheid.

Iedere ouder wordt ten opzichte van derden te goeder trouw, geacht te handelen met instemming van de andere ouder wanneer hij, alleen, een handeling stelt die met het gezag over de persoon verband houdt, of een daad van beheer over de goederen van de kinderen stelt, behoudens de bij de wet bepaalde uitzonderingen.

Tijdens de periodes waarin de kinderen bij één ouder verblijven, oefent die ouder evenwel alléén alle bevoegdheden uit met betrekking tot de dagdagelijkse opvoeding van en zorgen om de kinderen.

#ALTERNATIEF 2: EXCLUSIEVE UITOEFENING

Het gezag over de persoon en het beheer van de goederen van de kinderen wordt zowel tijdens de proeftijd als na de echtscheiding door de #moeder #vader uitgeoefend.

Dit houdt in dat alleen de #moeder #vader de beslissingen neemt betreffende de gezondheid, de opvoeding, de opleiding en de ontspanning van de kinderen, de oriëntatie van de studies, reizen en studieverblijven in het buitenland, de godsdienstige of levensbeschouwelijke keuzen. De #moeder #vader heeft ook het beheer over de goederen van de kinderen, treedt op als hun vertegenwoordiger, en heeft het genot over hun goederen.

De andere ouder behoudt het recht op persoonlijk contact met de kinderen, dat hij met name zal uitoefenen tijdens de periodes waarin de kinderen bij hem verblijven zoals hierna vermeld; tijdens die periodes oefent deze ouder alléén alle bevoegdheden uit met betrekking tot de dagdagelijkse opvoeding van en zorgen om de kinderen. Deze ouder houdt ook contact met de kinderen via de telefoon of per briefwisseling, wanneer hij of de kinderen dat wensen. Deze ouder kan bij de #moeder #vader of bij derden alle nuttige informatie over de kinderen inwinnen, en zich in het belang van de kinderen tot de jeugdrechtbank wenden.

De #moeder #vader verbindt er zich toe de andere ouder te informeren over alles wat het kind aanbelangt, en het contact tussen de kinderen en de andere ouder altijd in een zo serene mogelijke sfeer te laten verlopen, gelet op het belang daarvan voor de kinderen zelf, dat moet opgroeien in eerbied en genegenheid voor en van zijn beide ouders.

#ALTERNATIEF 3: IDEM ALS 2 + OPGELEGD OVERLEG

NEEM TEKST OVER VAN ALTERNATIEF 2 EN VOEG BIJ:

Tevens verbindt de #moeder #vader zich ertoe overleg te plegen met de andere ouder voor belangrijke beslissingen betreffende de huisvesting van de kinderen, de opleiding (keuze van studies en instellingen, herkansingen bij mislukking), langdurige behandelingen, behandelingen met hoge kosten, godsdienstige of levensbeschouwelijke keuzen. Indien dit overleg niet leidt tot een gezamenlijk standpunt van beide ouders, zal de beslissing van de #moeder #vader doorslaggevend zijn, onverminderd het verhaal van de andere ouder bij de jeugdrechtbank.

2. Huisvesting

ALTERNATIEF 1 : BEURTELINGS VERBLIJF (BIJ CO-OUDERSCHAP)

De ouders hebben met betrekking tot de huisvesting van de kinderen volgende regeling uitgewerkt. Zij zijn er van uitgegaan dat deze regeling het best aan het bijzonder belang van hun kinderen beantwoordt, doch zijn het erover eens dat deze regeling in onderling overleg kan worden gewijzigd indien het belang van de kinderen dit vereist.

De kinderen zullen evenwel bij de #moeder #vader worden ingeschreven als hebbende aldaar hun hoofdverblijfplaats; ook de wettelijke woonplaats zal daar zijn.

De ouders komen overeen voor het precieze verloop van deze regeling overleg te plegen en in ruime mate rekening te houden met de eigen activiteiten van #het kind #de kinde­ren.

Bij gebrek aan akkoord hierover geldt evenwel het volgen­de: #het kind #de kinderen #zal #zullen door de vader op school worden afgezet op maandag, om diezelfde maandag door de moeder van school te worden afgehaald; #het kind #de kinderen #zal #zullen dan vervolgens bij de moeder verblij­ven gedurende één week en één weekend, en de maandag daarop weer op school worden afgezet door haar, om diezelfde maandag door de vader van school te worden afgehaald.

Deze regeling wordt verder nageleefd, ook op woensdagnamid­dag en tijdens de periodes van Kerst-, krokus-, Paas- en herfstvakantie, tenzij, in onderling overleg met #het kind #de kinderen, een andere regeling tussen de ouders wordt afgesproken voor een dergelijke vakantieperiode.

De periodes van verblijf bij vader, respectievelijk moeder die aanvangen op een schooldag, beginnen na schooltijd door het ophalen van #het kind #de kinderen door vader, respec­tie­velijk moeder. Begint de periode op een schoolvrije dag, dan vangt de periode van verblijf bij vader, respectieve­lijk moeder aan op die dag te acht uur (8u) ’s morgens. In principe wordt #het kind #de kinderen telkens opgehaald door de ouder bij wie #het #ze voor die periode #zal #zullen ver­blijven, tenzij de ouders in onderling overleg tot een andere regeling komen.

#ALTERNATIEF 2 : HOOFDVERBLIJFPLAATS – RECHT OP PERS. CONTACT

Zowel tijdens de proeftijd als na de echtscheiding zullen de kinderen gewoonlijk bij de #moeder #vader verblijven, en op de verblijfplaats van deze ouder in het bevolkingsregister worden ingeschreven als hebbende aldaar zijn hoofdverblijf; daar zal ook de wettelijke woonplaats van de kinderen zijn.

Voor de periodes tijdens dewelke de kinderen bij de andere ouder verblijven, wensen de ouders dit zoveel mogelijk vast te stellen in functie van de omstandigheden van het ogenblik, daarbij rekening houdend met de redelijke wensen van de kinderen zelf. Zij wensen dat de kinderen in een serene sfeer van wederzijds respect en genegenheid voor beide ouders contact met hen beiden onderhouden en gaan tegenover mekaar de verplichting aan datgene te doen en aan te bevelen wat een dergelijke sfeer kan bevorderen. Voor het geval tot geen andere regeling wordt beslist zal evenwel het hierna vermelde tijdsschema worden gevolgd:

De kinderen zullen om de veertien dagen elke vrijdag van achttien uur dertig tot zondag achttien uur dertig bij hun vader mogen verblijven. Dit recht op persoonlijk contact zal ingaan vanaf het eerste weekend volgend op de ondertekening van deze akte.

Zij zullen tevens de helft van de periodes die samen vallen met de volgende school­vakanties, te weten paasvakantie, grote vakantie en kerstvakan­tie, bij hun vader mogen doorbrengen en wel als volgt: in de onpare jaren de eerste helft van elke vakan­tie, en in de pare jaren de tweede helft van elke vakantie. Tijdens deze vakantieperiodes vervalt het gewone recht op persoonlijk contact om te worden hernomen het eerste weekend volgend op het einde van de betrokken schoolvakantie waarvan de kinderen de tweede helft bij de moeder doorbrengen, en het tweede weekend volgend op het einde van de betrokken schoolvakantie waarvan de kinderen de tweede helft bij de vader doorbrengen.

Dit recht op persoonlijk contact gaat in voor wat betreft de eerste helft van de paasvakantie en de kerstvakantie, de eerste dag volgend op de laatste schooldag vóór die vakanties om tien uur en eindigt de zaterdag om achttien uur dertig vóór de aanvang van de tweede helft, en gaat in voor wat betreft de tweede helft van de paasvakantie en de kerstvakantie, de zaterdag om achttien uur dertig vóór de aanvang van de tweede helft en eindigt de voorlaatste dag vóór de aanvang van de nieuwe schooldag om achttien uur dertig.

Voor wat betreft de eerste helft van de grote vakantie, gaat het recht op persoonlijk contact in op één juli om tien uur en eindigt op eendertig juli om achttien duur dertig, en voor wat betreft de tweede helft van de grote vakantie gaat dit recht in op één augustus om tien uur en eindigt op eenendertig augustus om achttien uur dertig.

De kinderen zullen verder de volgende schoolvakanties, te weten de krokus- en de herfstvakantie, bij hun vader mogen doorbrengen, de krokusvakantie in de pare jaren en de herfstvakantie in de onpare jaren. Tijdens die vakanties vervalt het gewone recht op persoonlijk contact om te worden hernomen het eerste weekend volgend op het einde van de vakantie die de kinderen bij hun moeder doorbrengen, en het tweede weekend volgend op het einde van de vakantie die de kinderen bij hun vader doorbrengen. Dit recht op persoonlijk contact gaat in de eerste dag volgend op de laatste schooldag vóór die vakanties om tien uur en eindigt de laatste dag vóór de aanvang van de nieuwe schooldag om achttien uur dertig.

De #vader zal de kinderen telkens komen halen en terug­brengen op de overeengekomen dagen en uren. Als de #vader de kinderen niet is komen afhalen een uur na het overeenge­komen uur wordt aangenomen dat deze ouder afstand heeft gedaan van de uitoefening van zijn ­recht.

3. Bijdrage in de kosten

De echtgenoten erkennen uitdrukkelijk op de hoogte te zijn gebracht van de inhoud van de artikelen 203 en  203bis van het Burgerlijk Wetboek.

De kosten inzake huisvesting, levensonderhoud, voeding, kleding, toezicht, ontspanning en vrijetijdsbesteding, sportbeoefening en opleiding worden gedragen door de ouder bij wie het kind verblijft voor alle kosten die tijdens de periode van dat verblijf moeten worden betaald en op die periode betrekking hebben.

Daarenboven verbindt de #vader zich voor # een bedrag van # frank (#,-BEF) per maand, en voor #, een bedrag van # frank (#,-BEF) per maand te betalen bene­vens de door de #moeder verworven kinder­vergoe­ding als bijdrage tot het verschaffen van kost, onderhoud en opvoe­ding van de kinde­ren aan #haar toever­trouwd. Dit bedrag is opeisbaar de eerste van elke maand en wordt thans reeds uitgekeerd. Het blijft verschul­digd tijdens de periodes waarin het ­recht op persoonlijk contact wordt uitgeoe­fend. Deze verbintenis vervalt voor elk kind op de eerste van de maand volgend op het ogen­blik dat het de leeftijd van #tweeëntwintig jaar bereikt, of vroe­ger, vanaf de eerste van de maand volgend op: het stopzetten van de studies, huwelijk of samenwonen, stempelen of werken.

#Het bedrag van de onder­houdsgelden wordt niet geïn­dexeerd.

#De uitkering wordt jaarlijks op de eerste van de maand # aangepast aan de schommelingen van #het indexcijfer der consumptieprijzen #het gezondheidsin­dexcijfer. #Bij de ophef­fing van het gezondheidsindex­cijfer zal de indexe­ring gebeuren op basis van het gewone indexcijfer der consump­tie­prijzen.

Het basiscijfer is dat van de maand die de ondertekening van deze overeenkomst voorafgaat. De nieuwe index is deze telkens van de zelfde maand van elk jaar. Het aangepast bedrag mag nooit lager zijn dan het basisbedrag. Het niet tijdig toepassen of opeisen van de aanpassing mag niet als een verzaking worden uitgelegd.

4. Wijziging

Partijen verklaren erover ingelicht te zijn dat de regeling inzake gezag over de persoon en het beheer van de goederen van het kind, en over de bijdrage in het levensonderhoud, de opvoeding en de passende opleiding van de kinderen waarvan hoger sprake, na de echtscheiding door de bevoegde rechtbank kan worden herzien wanneer nieuwe omstandigheden buiten de wil van de partijen hun toestand of die van de kinderen ingrijpend wijzigen.

5.  Afstand van wedde

De onder­houdsplichtige partij verklaart dat hij, zo hij zijn verbintenissen betreffende de hierboven vastge­stelde onderhoudsgelden verschuldigd aan zijn kinderen of aan de andere partij, niet zou naleven, aan de begunstigden, afstand doet van de wedden en alle bedragen die hem, onder welke titel ook, verschuldigd zijn of zouden zijn, dit om de betaling van de onderhouds­gelden te waarborgen. Hij geeft de begunstigden de macht ze te innen en te gebruiken voor regeling van de door hem ver­schuldigde bedragen. De afstand van deze bedragen zal volgens de wet en op kosten van de onderhouds­plichtige geschieden. Hij verbindt er zich toe op eerste verzoek aan de begunstigden het bewijs van zijn inkomsten te leveren en machtigt zijn werkgever alle inlichtingen rechtstreeks aan de begunstigden te verschaf­fen.

IV. VOORWAARDEN VAN DE REGELING EN VAN DE OVEREEN­KOMST

1.    Elk der echtgenoten erkent in het bezit te zijn van de roerende goederen die hem of haar zijn toebedeeld, #met uitzondering van hetgeen vermeld is onder de hoofding “regeling van wederzijdse rechten”.

2.    De erfenissen, schenkingen of legaten die vanaf heden mochten te beurt vallen aan een van de beide echtgenoten zullen met vruchten ervan, eigen blijven aan de echtge­noot aan wie ze toekomen.

3.    De inkomsten, verdiensten, en winsten zullen eveneens eigen blijven aan de echtgenoot die ze verkrijgt, terwijl alle eventuele bestaande en toekomstige schulden uitslui­tend zullen worden gedragen door diegene die ze maakt of ze gemaakt heeft.

4.    De kosten van de procedure komen ten laste van #.

5.    #Mevrouw # heeft vanaf heden het recht om alleen en zonder de tussenkomst van de heer # de kinderbij­slag te ontvangen voor de kinderen haar toevertrouwd. Hiertoe geeft de heer # volmacht voor zoveel als nodig.

6.    Partijen verklaren te zijn ingelicht over artikel 1293 Gerechtelijk Wetboek dat betrekking heeft op eventuele wijzigingen van hun overeenkomst tijdens de procedure.

V. SLOT

1.    Al de hierboven opgenomen verbintenissen, zowel om iets te betalen, als om iets te doen, zullen uitvoerbaar zijn vanaf hun inwerkingtreding, op straffe waarvan elke partij daartoe zal kunnen gedwongen worden door elke daartoe gevorderde gerechtsdeur­waarder, eventu­eel bijge­staan door de openbare macht.

2.    De verdeling van het gemeenschappelijk of onverdeeld vermogen geschiedt onder de opschortende voorwaarde dat de echtscheiding voltrokken wordt.

3.    Overeenkomstig artikel 1304 van het Gerechtelijk Wetboek heeft het vonnis of arrest waarbij de echtscheiding wordt uitgesproken ten aanzien van derden zijn gevolgen eerst vanaf de dag van de overschrij­ving ervan in de registers van de Burgerlijke Stand. Deze formaliteit zal geschie­den via de griffie van de rechtbank. Ten aanzien van de echtgenoten, wat hun goederen betreft, werkt het echter terug tot op heden. De verbin­tenissen aangegaan door de echtgenoten met betrekking tot de proeftijd en de afstand van het erfrecht hebben onmiddellijke gel­dings­kracht.

4.    De partijen verklaren kennis te hebben gekregen van de inhoud van artikel 9 § 1 alinea’s 2 en 3 van de Organieke Wet Notariaat, en bevestigen dat er zich volgens hen geen manifeste tegenstrijdigheid van belangen voordoet en dat zij alle bedingen opgenomen in deze akte voor evenwichtig houden en aanvaarden. Zij erkennen naar behoren en onpartijdig ingelicht te zijn geworden door ondergetekende notaris over hun rechten, verplichtingen en lasten voortvloeiende uit deze akte.

WAARVAN AKTE

#Opgemaakt en verleden te #Antwerpen op datum als gemeld en na voorlezing en toelichting hebben de comparanten met mij notaris onder­te­kend

Comments are closed.