Fietsers en voetgangers: zwakke weggebruikers

Worden zwakke weggebruikers altijd vergoed? Sinds 1 juli 1995 is een meer voordelige regeling van kracht voor alle weggebruikers die zelf geen bestuurder zijn van een motorrijtuig maar wel lichamelijke schade lijden door een verkeersongeval waarbij een motorrijtuig is betrokken. Wie hierdoor schade opliep, moet nu automatisch worden vergoed door de aansprakelijkheidsverzekeraar van het bij het ongeval betrokken motorrijtuig en dit zonder dat een fout moet bewezen worden in hoofde van eigenaar of bestuurder van dat rijtuig.

Deze automatische vergoeding vervalt als enkel de schadelijder zelf ouder is dan 14 jaar en zich schuldig maakte aan een onverschoonbare fout. Materiële schade Artikel 1382 van het burgerlijk wetboek bepaalt dat elke daad door de mens gesteld en waardoor schade aan een ander wordt veroorzaakt, degene die de schade veroorzaakte, verplicht is deze te vergoeden. Er gelden drie belangrijke voorwaarden :

1. er moet een fout van iemand anders zijn;
2. er moet schade zijn;
3. er moet een oorzakelijk verband bestaan tussen de fout en de schade.

Bij het ontbreken van één van deze drie elementen, is het onmogelijk om een schadevergoeding te bekomen. Fout aantonen Eerst moet worden aangetoond of het gedrag het ongeval veroorzaakte of verergerde. Als fout wordt aangezien : een inbreuk op de wegcode of een verregaande onachtzaamheid. Een fout aantonen, is niet eenvoudig. Een proces-verbaal kan een belangrijk voordeel geven in de bewijsvoering. De strafrechter oordeelt over vervolging. Het opmaken van een pv kan aanleiding geven tot het betalen van een boete, daarmee kreeg u als slachtoffer uw eigen schade nog niet vergoed. U moet zich als slachtoffer nog burgerlijke partij stellen voor de strafrechtbank. Zonder pv, geen strafrechtelijke vervolging. Het is belangrijk om direct na het ongeval voor een proces-verbaal te zorgen. Schade De schadelijder heeft recht op volgende vergoedingen :

  • totaal verlies van de wagen : vergoeding van de volledige waarde van het voertuig net vóór het ongeval, inclusief BTW; depannagekosten, administratieve kosten, vergoeding voor elke dag dat men zijn voertuig moet missen (meestal de periode tussen het ongeval en de dag van de expertise die de wagen ‘total loss’ zal verklaren), het huren van een vervangvoertuig en de stallingkosten bij een garagist;
  • het voertuig is herstelbaar : herstelkosten, BTW inbegrepen, ook als men het voertuig niet herstelt; vergoeding voor elke dag dat men zijn wagen moet missen, vanaf de dag van het ongeval tot op de dag van de expertise, vermeerderd met de dagen dat het voertuig in herstelling is, overbouwkosten, accessoires, depannagekosten, stallingskosten, huurprijs vervangingswagen.

Win eerst advies in van uw raadsman of uw rechtsbijstandsverzekeraar. Teken nooit een expertiseverslag waaraan u twijfelt of als u slecht bent geïnformeerd. Bij discussie over expertises kan u zelf een onafhankelijk voertuigdeskundige contacteren voor een tegenexpertise. Bereiken beide experten geen akkoord, dan beslist de rechtbank en dient u een advocaat aan te spreken. De kosten hiervan worden in regel door de rechtsbijstandsverzekering gedragen. Teken nooit een wrakafstand als de tegenexpertise nog moet gebeuren. Kosten toont u aan met een voor voldane factuur.

Wie betaalt?

Diegene die aansprakelijk wordt gesteld, dient de schade te betalen. Als u een wagen bezit, bent u verplicht verzekerd voor burgerlijke aansprakelijkheid. Bij kleine ongevallen met duidelijke aansprakelijkheid gebeurt de betaling vrij snel. Indien u een raadsman contacteerde, staat hij in voor de verdere afwikkeling. Alhoewel zwakke weggebruikers als slachtoffer van een verkeersongeval automatisch worden vergoed voor lichamelijke schade, geldt deze regel niet voor de stoffelijke schade. De aansprakelijkheid van de voertuigbestuurder moet worden aangetoond. De tegenpartij is niet verzekerd In dit geval, zal u mogelijk uw schadevergoeding niet krijgen. U vraagt best een vonnis aan de rechtbank en laat dit via een gerechtsdeurwaarder uitvoeren. Het is raadzaam na te kijken of u een rechtsbijstandsverzekering heeft die het risico van onvermogende aansprakelijkheid dekt. U kan dan het u toekomende bedrag toch nog ontvangen. Bij dergelijk verkeersongeval kan u het Gemeenschappelijk Motorwaarborgfonds aanspreken. Dit organisme, gefinancierd door de verkeringsmaatschappijen, vergoedt u onder bepaalde voorwaarden :

  • indien het voertuig dat het ongeval veroorzaakte, niet geïdentificeerd is, is enkel een vergoeding voor lichamelijke schade mogelijk;
  • indien de identiteit gekend is maar de verzekering van de veroorzaker niet in orde of niet bestaande, kan een vergoeding voor lichamelijke én stoffelijke schade gevraagd worden;
  • hetzelfde geldt voor onvoorziene omstandigheden of toevallige feiten. De aanvraag aan voornoemd Fonds dient in principe te geschieden binnen de drie jaar die volgen op het ongeval. Bij lichamelijke schade doet u eveneens aangifte bij politie of rijkswacht binnen de 30 dagen.

Gerechtskosten

De bijstand van advocaat, gerechtelijke procedure, expertises, dit alles is kosteloos als u een rechtsbijstandsverzekering afsloot. Lees uw polis na; de risico’s die gedekt zijn, worden uitdrukkelijk vermeld. Kan de verzekering tussenkomsten weigeren of terugeisen? Indien u aansprakelijk bent voor een ongeval kan de schadevergoeding, die aan de slachtoffers (derden) werd uitbetaald, van u worden teruggevorderd. Dit kan in bv. volgende situaties : valse verklaringen, opzettelijk veroorzaakte ongevallen, rijden onder invloed, als de wagen niet werd aangeboden in een keuringsstation, verzekeringspremie werd niet betaald, de bestuurder is nog geen 18 jaar, de bestuurder werd veroordeeld tot rijverbod.

Comments are closed.